Troost Het is 1992. Door het raam zie ik mijn kleuter
met zijn fietsje onzacht op de keien duikelen. Oeff! Die geven niet mee. Ik hou
mijn adem in en kijk even wat hij doet. Eerst een brulbui, zittend op de stoep.
Niemand in de buurt. Dan krabbelt hij op, inspecteert zijn kapotte knie,
schrikt en huilt nog even heel hard. Veegt zijn neus af aan zijn mouw, raapt de
fiets op en komt zachtjes jammerend met hangend hoofd richting huis gesloft. Terwijl
hij de gang in stapt, zwelt het verdriet weer aan tot volle sterkte. Ik vang hem in mijn armen en wieg hem
troostend. ‘Wat is er toch gebeurd, kerel?' doe ik alsof ik niets heb gezien.
Ik duw mijn neus in zijn haar en verbijt een lach, omdat ik het eigenlijk wel verbazend
vind dat hij weer helemaal opnieuw begint met zijn verdriet. Op straat was het
toch al over? 'Ik ben gevàllen met de fiets en ik heb bloe-hoe-hoe-hoed!' ‘Och jongen toch’, beklaag ik hem. Zijn
geloei gaat langzamerhand over in nasnikken. Pleister op de knie, snoet poetsen,
wat drinken. Ziezo, het ergste leed is geleden. 2010
en wat wijzer geworden. Wanneer is pijn ‘over’? Wat hij bij me kwam halen was
troost, want die was er niet op straat! Een kind dat huilt krijgt vaak te
horen: ‘Sst, stil maar! Flink zijn, het valt wel méé, kom, een snoepje erop, ziezo,
óver!’ Maar welke impliciete
boodschappen krijgt een kind dan mee? Niet huilen! (Lees: niet voelen). Als je huilt ben je een watje. Anderen
vinden het maar lastig als je pijn hebt. Verstop je tranen of hou ze in, want niet
huilen is flink! Het moet snel óver zijn. En: snoepen helpt tegen pijn … (!) In
mijn praktijk spreek ik vaak mensen die zijn vastgelopen in verdriet dat nooit
is gevoeld, geuit, toegelaten, erkend, getroost. Ze komen binnen met symptomen van
depressie, vage psychosomatische klachten, rusteloosheid, stress. Kampen met voor
henzelf onbegrijpelijke reacties op relatief kleine dingen, zoals woedeaanvallen
en huilbuien; of voelen zich chronisch doodmoe. Tijdens de gesprekken komen
vaak gebeurtenissen naar boven van jaren geleden, die nog steeds een grote
impact blijken te hebben. Soms zo intens, dat leven in het nu weinig meer is dan
overleven met ‘behulp’ van
afweermethodes. Je niet laten kennen, hard werken, alles onder controle houden,
verdoving zoeken in roken, drinken, drugs, winkelen, eetbuien (of juist niet
eten), seks, computer of TV. Veel mensen zijn een ster geworden in het vinden
van manieren om maar geen psychische pijn te hoeven voelen. Dat
helpt hen alleen maar tijdelijk en dan ook nog van de wal in de sloot. Het leven
schept het gebeurde telkens weer op je bordje, doordat er triggers langskomen
die je oude pijnplek raken. Verdriet is een emotie. Dat woord betekent in het
Latijn letterlijk: een beweging van
binnen, die naar buiten komt. Mijn verdriet naar buiten brengen … is dat
wel veilig? Veel mensen voelen zich kwetsbaar en willen niet het risico nemen
om weer gekwetst te worden. Hoe
kunnen we elkaar helpen? Troosten is veel makkelijker dan je denkt. Het is veel
meer zijn dan doen. Je weet niet wat je moet zeggen? Vaak zijn er ook helemaal geen woorden. Je hoeft niets op te lossen of
te zorgen dat het óvergaat. Je kunt meestal ook helemaal niets doen om iemands
geleden pijn ongedaan te maken. Alle
goedbedoelde woorden en adviezen – laat maar. Troosten is niets meer en niets
minder dan: er zijn, iemand bijstaan,
luisteren en erkenning geven voor de pijn. Voel je medeleven in je hart en wil
je helpen dragen? Dan kun je naar de ander toegaan en hem uitnodigen om te
komen met zijn verdriet en hem je aandacht en zo nodig je schouder lenen. Zo kan
hij een stap zetten naar verwerking
en heling. Hoelang het proces duurt, hoe vaak het verdriet opnieuw wordt
gevoeld, hangt af van de ernst van de innerlijke verwonding. Maar één ding is
zeker: gehoord, getroost, gevoeld, erkend verdriet wordt op den duur milder,
minder scherp, beter te dragen. Er komt gaandeweg rust en berusting voor in de
plaats. En bovenal het gevoel er niet alleen voor te staan! Vermijd mensen
met verdriet niet, want daarmee vergroot je juist hun pijn. De kernbetekenis
van troost is: ik ben bij je, ik sta naast je. Dat is liefde in actie, die verbindt
en wonden helpt sluiten. |



